Geen producten (0)
Geen producten (0)
 

Zoek geen antwoord - Steve Harrison

€ 16,95 € 15,25
Op voorraad
Specificaties
Productcode ZA
Omschrijving

In dit inspirerende en oorspronkelijke boek legt Steven Harrison, auteur van o.a. de bestseller 'Doe niets', in de vorm van vraag en antwoord met grote helderheid de mechanismen van het denken bloot.

Op originele wijze analyseert hij de levensvragen die iedereen heeft en breekt stap voor stap de heersende spirituele, therapeutische en doe-het-zelfmethoden af waarmee we onszelf alsmaar proberen te veranderen.

Steven Harrison laat ons zien wat we niet zijn en concludeert, dat wat we dan wél zijn, niet veranderd hoeft te worden.

ISBN: 978-90-77228-02-9, Formaat: 125 x 200, Uitvoering: paperback, Omvang: 208 pagina's.

Citaat uit het boek:

Verlies van Perspectief

Ik heb gezien dat al mijn verlangens, al mijn plannen en strategieën, van de een of andere vorm van identiteit afkomstig zijn. Nu is er sprake van die ‘niets-plek’ waar ik meende vrede te vinden en geen frustraties omdat ik mijn strategieën heb opgegeven.

Hoe kom je aan dat idee?

Ik weet het niet, maar ik zoek vrede en wil iets nuttigs met mijn leven doen.

Dat is een groot probleem. Verlichte mensen kunnen niet doen wat gewone mensen doen, want dat is maar gewoon. We moeten iets speciaals doen! Dat is een hele uitdaging.

Hoe kan ik glukkig worden? Hoe kan ik zinvolheid vinden?

Dat is een belangrijke vraag. Als de geest uit de fles komt en we mogen drie wensen van hem doen, raken we doorgaans al in moeilijkheden met de eerste twee. Vervolgens moeten we de laatste wens aanspreken om alleen maar ons oude leventje terug te krijgen. Dus laten we naar de fundamentele vraag gaan zoeken. Als we daar een antwoord op kunnen geven, zijn we klaar. Maar om het antwoord te vinden, zullen we eerst de vraag moeten weten.
Je hebt het totaal van je wereld doorzien. Je begrijpt hoe je denkwezen ideeën en plannen genereert, voor je motivatie zorgt en je door de dag helpt. Aan dat alles heb je een eind gemaakt. Nu vraag je je af of je vroegere bestaan beter was. Toen wist je tenminste wat je elke dag ging doen. Welke vraag doemt er uit die omstandigheid in je leven op?

Hoe gebruik ik de talenten die ik mogelijkerwijs heb om iets voor de wereld en niet alleen voor mezelf te doen?

Wat te doen? Is dat de kernvaag? Zo ja, dan kunnen we een programma voor je maken en ben je klaar!

Ik vraag wat ik moet doen, of hoe ik moet leven met het ongemak van niet te weten wat me te doen staat.

Nu zijn er twee vragen. Welke van de twee denk je dat het is? Ons denkwezen genereert allerlei vragen en vervolgens moeten we een antwoord op die vragen zien te vinden. Het is een vorm van verlamming. Dit is geen onderzoekende geest, geen nieuwsgierige en open geest, maar een die eindeloos vragen genereert, uit gewoonte, zonder ooit tot de kernvraag te komen.
Is er sprake van een diepe levensvraag? Het zal geen intellectuele vraag zijn, maar een vraag die iets fundamenteels oplost.

Ik wil gewoon weten wat ik met mijn leven aan moet.

Laten we eerst even kijken of het de juiste vraag is. In India ben ik ooit bij een orakel geweest, iemand die blijkbaar de toekomst kon voorspellen en in aanzien stond vanwege die gave. Het was een lange tocht en onderweg kochten we een paar papaya’s als geschenk. Hij was niet makkelijk te vinden, maar na heel wat inspanning wisten we waar hij was. En dat niet alleen, hij wilde ons ook nog ontvangen. Wij waren er klaar voor. We gaven hem de papaya’s. Hij sprak geen Engels en een vertaler was niet te vinden. Het was een prachtige ontmoeting, maar we kregen geen antwoord op onze vragen. Toen we vervolgens afscheid namen, schoot het me te binnen dat de ontmoeting misschien niets te maken had met onze vragen of zijn antwoorden. Misschien was het alleen de bedoeling geweest dat we het orakel papaya’s brachten. Hij was die ochtend wakker geworden met trek in fruit en wij kregen het idee om fruit te kopen en dat naar hem te brengen. Naar een orakel gaan kan hachelijk zijn. We meenden een reis met een diepzinnig doel te maken, maar in feite bezorgden we alleen maar papaya’s.
Als ik jou naar dat orakel zou sturen en hij je het antwoord gaf, zou je dan gehoor geven aan wat hij zei?

Jawel.

Goed. Dan zal ik voor orakel spelen. Ga naar de supermarkt tussen Fifth – en Sixth Street in Sacramento en neem daar een baantje. Werk daar elke dag van tien tot vier behalve zaterdag en dinsdag en wacht af wat er vervolgens gebeurt.

O, mijn god!

Als het orakel dat antwoord geeft, doe je het dan? Heb je werkelijk begrepen wat je vraag is? Is de vraag Wat moet ik met mijn leven? Of is het: Wat kan ik doen dat mij belangrijk maakt? Kunnen wij de fundamentele vraag wel vanuit het ‘ik’-perspectief begrijpen? Of kunnen we die alleen maar begrijpen vanuit een perspectief dat je met gedachten niet kunt bereiken, noch met onze taal en zelfs niet met onze intenties? Als je alleen maar een bezorgdienst van papaya’s bent, is dat dan voldoende? Of wil je graag degene zijn die de papaya’s ontvangt?
We zeggen wel dat we willen weten wat we met ons leven aan moeten, maar waarom willen we de toekomst weten? Kunnen we wel weten wat we met ons leven aan moeten? Er zijn theologen die zouden zeggen dat als God de toekomst ziet, Hij iets van zijn macht zou kwijtraken omdat zelfs God in dat geval de loop der gebeurtenissen niet kan veranderen.
Welnu, als je naar een orakel gaat en dat vertelt je wat je moet doen, ben je daarmee dan niet iets kwijt? Wil je echt antwoord op je vraag? Jij gelooft dat je iets aan zekerheid en veiligheid zult winnen als je het antwoord op die vraag weet. Maar je leven zal domweg een mechanisch ontvouwen van die toekomst zijn. Dus is het maar goed dat je die vraag niet hebt gesteld.

Ik zou iets willen doen wat me op zich vreugde verschaft. Gewoon vreugde om iets leuks te doen, iets opwindends, wat ik met hartstocht kan doen. Geen hartstocht omtrent de een of andere illusie, maar harstocht voor, in en vanuit de activiteit zelf.

Hoe weet je het verschil?

Dat weet ik niet. Dat is juist de moeilijkheid! Daarom ben ik verlamd.

Nu eens ben je hartstochtelijk en blij, maar is het een illusie, en dan weer ben je hartstochtelijk en blij maar is het geen illusie. Je wilt iets hartstochtelijks en blijmoedigs doen dat waarachtig is, niet iets hartstochtelijks en blijmoedigs dat onecht is.

Ja.

Welke criteria hanteer je om te beoordelen of iets waarachtig is of onecht? Wat is het element dat oordeelt?

Misschien heeft hartstocht niets met illusie of waarheid te maken. Misschien was het gewoon iets van het moment. Terugblikkend – toen ik het niet meer had – heb ik uitgemaakt dat het een illusie was en daarom allemaal nep.

Waarom leveren we geluk uit aan ongeluk om voor rechter te spelen? Welk element kiest het perspectief?

Aangezien geluk gegrondvest lijkt op zoveel illusie, vertrouw ik het niet zo.

Waarom vertrouwen we dat onbetrouwbare element dat we ‘ik’ noemen om ons iets over geluk te vertellen? Als je gelukkig bent, lijkt er geen enkel probleem te zijn. Maar jij koestert het idee dat geluk niet deugt, omdat het gegrondvest is op illusie.
De vraag die we hebben ontdekt is niet of geluk echt is, of wat we aan dat geluk moeten doen. Hij gaat over het perspectief dat geluk analyseert, oordeelt, creëert of dis-creëert. Is dat perspectief wel echt? Kun je ervan op aan? Dit is het perspectief van waaruit we trachten te leven.
Misschien is de uiteindelijke vraag: Wat is datgene van waaruit ik kan leven?

Zo heb ik het nog nooit bekeken, maar inderdaad: als je gelukkig bent, ben je gelukkig.

Hoe kun je je anders voelen? Als je gelukkig bent, ben je gelukkig. Als je boos bent, ben je boos. Als je ongelukkig bent, ben je ongelukkig, enzovoort enzovoort. Hoe zou het anders kunnen zijn? Je hele werkelijkheid doorzie je vanuit dat perspectief. Maar wat is dat perspectief?

Mijn identiteit heeft veel met ambitie te maken: iemand willen zijn die iets aan de wereld kan doen. Dat is allemaal verkeerd. Dat is mijn denken in plaats van de waarheid van het zijn in het moment.

Dus vanuit het perspectief zijn al die dingen verkeerd. Wat is dan correct?

Dat is nou juist de moeilijkheid.

Wat zegt het perspectief?

Wees in het moment en laat toe wat zich maar afspeelt.

Dat is interessant. Het perspectief suggereert dus dat je een keus hebt. Je kunt ofwel in het moment leven en de dingen laten zoals ze zijn, of je kunt... ja wat eigenlijk? Waar kun je anders zijn, behalve in het moment? Hoe kunnen de dingen anders zijn dan ze zijn?

Dat kunnen ze eigenlijk niet.

Het perspectief moet iets van een alternatief suggereren, of we zitten met een kink in de logica. Er is nog een impliciet deel van de boodschap. Wat is dat deel?

Dat als ik iets najaag, ik niet in het moment leef en dat is verkeerd.

Is dat wel zo? Waar bevind je je als je iets najaagt? Ik zou wel eens met jou naar een plek willen die zich niet in het moment bevindt. Dan kunnen we weten of dit perspectief juist is. Waar is die plek? Waarom is hij verkeerd? Als die wereld buiten het moment niet te vinden is, dan krijg ik de indruk dat dit perspectief een kwelgeest is die zegt dat alles wat je in feite bent niet deugt. Wat kun je doen met een perspectief dat zegt: Alles wat ik doe is verkeerd?

In feite leidt het tot verlamming.

Je wordt geacht te doen wat juist is, maar alles wat je doet is verkeerd. Ik begrijp wel waarom je in de war bent! Waar komt dat perspectief vandaan en wat moeten we ermee? Zullen we het maar terugsturen naar de hel, waar het vandaan komt?
Als het perspectief er maar één ogenblik totaal het zwijgen toe doet, wat gebeurt er dan met je leven? Met je activiteiten, je vermogen om te functioneren, je geluk?
Er is zoveel dat ik vanuit dat perspectief heb besloten. Ik zou niet weten wat ik zonder dat perspectief zou moeten.
Wat valt er te besluiten? Heeft dat perspectief al zo snel zijn weg teruggevonden?

Hoe moet je dan niet-besluiten over iets?

Wat is niet-besluiten?

Gewoon niets doen.

Je bent verward omdat het perspectief domweg een stelletje regels is. Jouw perspectief en het mijne zijn anders. Jij bent op een andere manier grootgebracht, je hebt andere boeken gelezen, je hebt een andere school bezocht, je hebt andere ervaringen. Daar moet ik mijn perspectief – dat geconditioneerd is – op loslaten.
Het perspectief zegt ons dat dit goed is om te doen, of verkeerd. En wat gebeurt er zonder het perspectief?
Het perspectief zegt ons dat geluk nep is en dat alles wat je bent verkeerd is. Waarom hebben we dat nodig? Zijn we zonder perspectief niet juist inherent gelukkig? Er is geen commentaar dat ons vertelt dat we het niet zijn. We hebben alleen nog maar ‘wat-is’. We worden geleid door wat ons interesseert, wat ons energie geeft, wat ons vervult.

Ik zal het perspectief loslaten.

Hoe doe je dat? Beentje lichten? De verkeerde kant op sturen?

Is dat perspectief alleen maar mijn denken?

Ja. Je weet best wat je belangstelling heeft. Dat perspectief geeft daar commentaar op. Het vertelt je constant dat wat je ook bent verkeerd is.

Ieders denken doet dat; niet alleen bij mij.

Dat is het karakter van het psychische denken. Het is de opeenhoping van onze hele collectieve, culturele conditionering. Die voegen we toe aan elke ervaring. Daarom is onze ervaring zo rommelig en onbevredigend: we hebben namelijk geen ervaringen, we hebben gedachten. Dit is onze realiteit: het babbelende perspectief. We ruiken geen roos, we hebben commentaar op de geur van een roos. Het zou prettig zijn als we een roos konden ruiken.

Wat valt er zonder commentaar nog te doen?

Ben je zonder commentaar?

Dat zou ik best willen.

Dit is een heerlijk verhaal. Zonder dat perspectief zal alles beter smaken en er beter uitzien. Zonder dat perspectief is het leven fantastisch.

Dat denk ik ook!

En dat is precies wat het is: een gedachte.

Bedoelt u dat het niet waar is?

Wat waar is, is dat we een perspectief hebben, een lopend commentaar, maar in plaats van volledig contact met dat perspectief te maken, laten we onszelf bedotten. Het commentaar heeft ons meegedeeld dat er echt een fantastische plek buiten dit perspectief is, dus moet je niet naar het perspectief kijken.

In werkelijkheid bevindt het perspectief zich op de plek waar jij je bevindt. Kan het perspectief zichzelf zien?

Als ik mezelf ervan kon losmaken, kon ik het zien. Maar dat kan ik niet, omdat ik het perspectief zelf schep.

Is er iets dat het perspectief bij de kladden kan grijpen?

De laatste tijd heb ik dromen waarin ik het gevoel heb dat ik me wakker voel in mijn droom. Met andere woorden: ik ben me ervan bewust dat ik droom.

Je bent je bewust van de droom. Je beseft dat de droom maar het perspectief is, of moeten we misschien zeggen dat het perspectief maar een droom is? Is er iets dat wakker is terwijl we ons in de droom van ons perspectief bevinden? Ben je je er nu van bewust dat je in een droom zit? Ben je je bewust van de aard van het perspectief, het mechanische karakter van het zelf? Nu wordt de droom overgenomen door bewustzijn. Je bent wakker, maar dat wakker-zijn is niet de tros neigingen, conditioneringen en gewoonten van het perspectief. Je leven wordt gestuurd door iets anders. Veel weten we niet over wat dat betekent, want het bekende maakt deel uit van het perspectief en wat onbekend is maakt deel uit van het bewustzijn. Het enige dat we nog met ons leven moeten doen, is die onbekende ruimte van het bewustzijn verkennen. En dat leven van verkenning is rijk en vol.

Ook interessant

€ 19,95 € 17,99
€ 19,95 € 17,00